Podagristenpad

In de voetsporen van drie podagristen van Coevorden naar Bad Bentheim. Hartje zomer 1843 liepen drie mannen met jicht (de Griekse naam voor jicht is Podagra) in drie dagen van Coevorden naar Bad Bentheim, dwars door het graafschap Bentheim om daar volgens de legende in het geneeskrachtige zwavelbad te genezen van hun jicht. Het druk bezochte geneeskrachtige bad is er nog steeds inclusief een fraaie jaknikker zoals die ook bij het oppompen van olie gebruikt wordt. Cultuurminnende Rotary clubs uit Coevorden en Bad Bentheim hebben de route gereconstrueerd en bewegwijzerd. Ik liep deze 70 km in drie dagen, wel in omgekeerde richting. Een leuke gevarieerde route.


De route is prima bewegwijzerd. Daarnaast is via de site “geheim over de grens”een folder te downloaden of aan te vragen waarop de route inclusief een kaartje beschreven staat. De route loopt via de leuke plaatsen Bad Bentheim, Nordhorn, Neuenhaus en nog wat kleinere plaatsjes naar Coevorden en kent een gevarieerd landschap met bossen, heide, boerenlandschap en ook een fraai stuk langs de Vecht.


De bekende burcht Bentheim steekt vanaf een afstand boven het verder vlakke land uit. Bentheim is een fraai toeristisch ingestelde plaats waar het goed toeven is. De burcht kan bezichtigd worden, mooie terrasjes, ook op het binnenplein van de burcht, trekken veel toeristen. We lopen vanaf de burcht door het mooie stadspark en verlaten Bad Bentheim om meteen de bossen rond het kuuroord in te duiken.


Rond het kuuroord ligt een prachtig stuk oerbos met ontzettend oude bomen. Het Podagristenpad doet het mooiste deel daarvan niet aan, dus als u tijd heeft is het de moeite waard om even achter het kuuroord door het bos te wandelen. Rondom Bentheim zijn trouwens meerdere fraaie wandelingen waarbij ook een bijzonder fraaie uitloper met rotsmassieven van het Teutoburgerwald te zien valt. Bentheim, de moeite waard dus om u in te verdiepen.


Door een zeer groene omgeving wandelen we richting Nordhorn, de eerste grote plaats die u aandoet in deze route. Het eerste deel van deze etappe gaat door de bossen, daarna wandelt u door een gevarieerd boerenlandschap. Het weer is schitterend deze dag. Wat opvalt in het landschap zijn de schuilhutten die naar ik heb begrepen voor de jacht gebruikt worden. Dit zie je veel in Duitsland. Ik ben zeker geen jager, hooguit met mijn fototoestel.



Als ik Nordhorn binnenloop gaat dat via de oevers van de Vecht. De Vecht en Nordhorn horen bij elkaar. De Vecht slingert links en rechts om Nordhorn heen en plaatst het centrum op een eiland. Je zou een verkenning bijna met een bootje moeten doen.


We lopen het centrum weer uit via het stadspark waarbij we rechts de katholieke St Augustineskerk zien liggen, een rood bakstenen gebouw met koperen dak, gebouwd naar Italiaans voorbeeld.



Als we Nordhorn weer verlaten hebben gaat de wandeling langs de Vecht in de richting van Neuenhaus. Bijzonder fraai deel vond ik. Wandelen langs rivieroevers is op zich al mooi maar hier combineert zich dat ook nog eens met een kunstweg. Langs de oever staan op diverse plekken kunstwerken van Bentheimer zandsteen opgesteld.


Neuenhaus een kleine gezellige plaats met ongeveer 10.000 inwoners. Opvallend en eigenlijk nieuw voor mij was dat in Neuenhaus de Dinkel in de Vecht uitkomt. De Dinkel is één van de twee grensrivieren van Twente (de Regge is de andere) en beide rivieren komen uiteindelijk uit in de Vecht. De Regge mondt bij Ommen uit in de Vecht en de Dinkel komt vanuit Duitsland bij Gronau Nederland in en verlaat Nederland weer in de buurt van Lattrop om bij Neuenhaus in de Vecht uit te komen. Zo mondt het water van beide “Twentse” rivieren uit in de Overijsselsche Vecht.



Na Neuenhaus krijgt het landschap een wat glooiend karakter. Restanten van diverse gewassen schakeren het landschap ondanks dat ik er in de winter loop.

 


Het pad volgt nu de Wilsumer Wanderwege waarbij we door de bossen heuvel op en af richting Wilsum lopen.

 


Bij Laar ontmoeten we de Vecht weer. We zitten dan al in het laatste deel van het pad, een kilometer of 8 voor het eindpunt.

 


De kale akkers in februari zijn niet echt fraai om te bewonderen maar als ik opeens een drietal reeën spot die over een akker wandelen voelt dat toch als een beloning voor mij.

 


Het laatste deel van het pad is in de februari minder fraai. Veel lange rechte stukken zonder veel variatie. Ongetwijfeld zal dat in het voorjaar of de zomer als alles bloeit mooier zijn maar in februari wordt het wandelen dan al vrij snel saai. Ik had me bij deze etappe een beetje verkeken op de tijd en liep er in schemerdonker met een aardige zonsondergang en dan wordt wat saai leek opeens weer mooi (zie foto).


Begon ik in Bentheim met de burcht Bentheim, in Coevorden eindig ik met kasteel Coevorden.Deze fraaie burcht ligt in het centrum van Coevorden en is tevens eindpunt van het Podagristenpad. Zo ben ik door he graafschap Bentheim van de ene burcht naar de andere burcht gewandeld. Ik eindig deze presentatie met een foto van het standbeeldje van de drie podagristen die aan de voet van de kasteel geplaatst is.