Terschelling

Tijdens een winterweekje Terschelling verkende ik het eiland te voet aan de hand van een fraai boekje van Staatsbosbeheer met daarin een schat aan informatie zowel op het gebied van cultuur als natuur. De meerdaagse wandeling is 43 kilometer lang en bracht me ook in delen die ik tijdens eerdere bezoeken aan Terschelling nog niet ontdekt had. Het boekje is uitgerust met kaarten die voor het grootste deel samen met de routebeschrijving goed te volgen zijn. De route is verder niet bewegwijzerd. Kleine delen en dan vooral achter West-Terschelling zijn wat moeilijker te volgen, met name omdat men daar ook verwijst naar route-markeringen van andere routes en dat werkt op die plek niet goed. Maar door de kleinschaligheid van het landschap vind je altijd snel je route weer terug. Het boekje is een aanbeveling voor alle wandelaars die Terschelling bezoeken. Op de foto een zonsopkomst boven het polderlandschap van Terschelling.





Tijdens deze week verblijven we in een fraai authentiek appartement “’t Leegwant” in het plaatsje Striep vlakbij de Waddenzee en met uitzicht over de polder en Midsland. Een heerlijk plekje! Direct achter het piepkleine dorpje werden we in de vroege ochtend getrakteerd op heerlijke zonsopkomsten boven het drooggevallen wad.


De route begint in West-Terschelling bij het zeeliedenmonument. West-Terschelling staat met een aparte stadswandeling ook opgenomen in het boekje, net als Midsland en Hoorn. Leuke beschrijvingen, je leert b.v. wat stoeppalen zijn in West-Terschelling. Huizen zijn daarmee gemarkeerd en binnen de stoeppalen vond in vroegere tijden een groot deel van het sociale leven plaats. Er zijn zelfs mannelijke en vrouwelijke stoeppalen.


De wandeling loopt vanaf het zeeliedenmonument langs de vallei, het Groene Strand. Deze laagte is een contactzone tussen zoet water wat uit de duinen komt en zout water. Een tijdlang is een deel als landbouwgrond bewerkt geweest maar inmiddels is de contactzone helemaal teruggebracht in de oorspronkelijke situatie.


Vanaf het Groene strand loop je de bossen in achter West-Terschelling. In de bossen tref je bewerkte landjes (volkstuintjes) aan van inwoners van West-Terschelling.


Na een tijdlang door de bossen gelopen te hebben kom je uit bij de Studentenplak, een van de grotere groeiplaatsen van de cranberry. De van oorsprong Noord-Amerikaanse cranberry is uitgegroeid tot een typisch Terschellings product. Bij de schuur die bij de Studentenplak is gebouwd is koffie te koop en kun je ook de nodige cranberry producten kopen. Vanaf de schuur loop je nog een stukje door de duinen waarna je opeens de polder in zicht krijgt. In de verte doemt ook de kerktoren van Midsland op.


De overgang van de bossen en de duinen naar het polderlandschap is groot. Het is één van de charmes van het eiland dat deze zo’n grote variatie aan landschappen heeft op zo’n relatief klein gebied. Op de foto Midsland gezien vanuit het plaatsje Striep.


Dag 2 van de wandeling begint bij Formerum. De als koffiehuis in gebruik zijnde molen van Formerum, genaamd “Jacob en Daniel” is gebouwd in 1838 in West Terschelling en is in 1876 verplaatst naar Formerum.


Deze ochtend word ik verrast door een zeer fraaie zonsopkomst boven de polder. De hoofdfoto bovenaan dit artikel getuigt daar ook van. Dat zijn momenten waarop je als wandelaar en fotograaf je hart kunt ophalen. Even verder doorlopend kom ik bij een boerderij waar het ochtendrood en de opkomende zon prachtig tussen de bomen door zichtbaar is.


TerschellingTypische eilandbouw noem ik dit toch wel. In dit geval met een paar zeer fraaie knotwilgen er voor.


Een eendenkooi was vroeger een rijk bezit en kooiker was vaak een lucratief nevenberoep voor de eilander boeren. Het bezit van een eendenkooi was op Terschelling gesplitst in aandelen, vroeger kon een aandeel van een eendenkooi veel geld opleveren. Er staan nog diverse eendenkooien op het eiland.


De Wierschuur diende vroeger voor de opslag van groot zeegras of wier. Dat wier werd gebruikt voor de aanleg van dijken, maar ook als vulling of isolatiemateriaal. Door schimmelziekte verdween het wier echter op een enkele plek na helemaal uit het Nederlandse Waddengebied. Inmiddels plant men weer zeegras aan om de velden bij Terschelling te herstellen.


Na Oosterend loop je buitendijks een zeer vochtig gebied in, de Grië. Dit is een onbedijkte begroeide kwelder in de luwte van de hoge zandduinen waar regelmatig veel water staat. Het pad door de Grië was een rivier geworden, ik moest dan ook mijn weg zoeken door weilanden en langs het randje van de weg om de voeten droog te houden en was dan nog blij dat ik hoge wandelschoenen aan had. In dit fraaie woeste gebied staan een viertal eendenkooien die je overigens niet kunt bezichtigen.


Als je uit de Grië bent loopt je langs de rand van de Berkenvallei. Dit is een meer dan 100 hectare groot bos en daarmee het grootste natuurlijke bos op Terschelling.


Het wandelpad brengt je via de Berkelvallei en de duinen uiteindelijk bij het Noordzeestrand nabij het mooiste strandpaviljoen dat ik ken, namelijk het Heartbreakhotel met zijn klassieke jaren 60 inrichting waar stoeltjes met gekleurde kunststof bedekking en het beeld van Elvis de sfeer bepalen.


Natuurlijk moet je met zo’n routeboekje zo nu en dan ook van de route afwijken. Omdat ik buiten het broedseizoen was heb ik natuurlijk ook de Boschplaat verkend. Daarnaast ben ik langs het Noordzeestrand vanaf het Heartbreakhotel ook naar het drenkelingenhuisje gewandeld. Dat is dan wel weer 7 km heen en weer extra maar wel de moeite waard. Niet zo te spreken was ik over het feit dat dit stuk strand in bezit was genomen door auto’s. Het leek wel een snelweg naar dat drenkelingenhuisje toe. En het waren echt niet alleen eilanders die aan het jutten waren maar grotendeels toeristen die even op en neer karden naar de bezienswaardigheden op dat deel van het eiland. Een leuke strandwandeling zit er daar niet in.


="title="Terschelling"Vanaf het Heartbreakhotel loop je eerst een stuk langs het Noordzeestrand en daarna via de duinen naar het Hoornerbos en het Formerumbos. Een fraaie aaneenschakeling van verschillende soorten landschap.


Na het Formerumbos loop je opnieuw de polder in en hebt al snel uitzicht op Striep het kleine plaatsje aan de Waddenzee waar ik verbleef die week.


Wandelen langs de Waddenzee heeft weer z’n eigen charmes. Ik had al prachtige zonsopkomsten gehad maar op het laatste stukje van Striep terug naar West Terschelling trof ik een zwaar wolkendek waar de zon pogingen deed doorheen te komen. Met een zeilboot om de menselijke maat aan te geven werd dat een mooi plaatje.


West TerschellingEn aan het einde is dan West Terschelling weer in zicht. Er komt een einde aan een heerlijke wandelverkenning van Terschelling. Veel zaken die ook nog in het boekje staan heb ik niet genoemd en ik raad dan ook iedereen aan om dit tochtje een keer te doen.

Comments are closed.