Noaberpad

Het Noaberpad is een grenspad dat loopt van de Dollard in Groningen naar de Rijn in Gelderland. Een goede buur is beter dan een verre vriend. Noaberen is een begrip in het hele Saksische taalgebied langs de oostgrens. De burenplichten hadden vooral betrekking op geboorte, ziekte en dood maar zeker niet alleen. Het is ook niet vrijwillig want in vroegere tijden woonde men in kleine gemeenschappen vrij geïsoleerd en was op elkaar aangewezen. Kwam je in zo’n omgeving te wonen en nodigde je de noabers niet uit voor een inwijding dan werd je niet opgenomen in de gemeenschap. Tegenwoordig is dat geïsoleerde niet meer zo, door de auto, telefoon en internet zijn die zaken veranderd. Veel nieuwe bewoners die buitenaf gaan wonen nemen de moeite ook niet meer om hun noabers te leren kennen. Toch weet ik uit eigen ervaring dat noaberschap nog steeds leeft, niet alleen grensoverstijgend maar gewoon in vele kleine gemeenschappen.
Het Noaberpad is verrassend veelzijdig. Veengebied in Noorden, het Twentse coulissenlandschap, heidegebieden, de heuvels in Monfertland, Hoog Elten en dan eindigen langs de Rijn. De eerlijkheid gebied te zeggen dat sommige stukken met name in Duitsland wat saai waren. Lange rechte stukken vaak, wat dat betreft is de Nederlandse landinrichting heel wat gevarieerder. Gelukkig loopt de route grotendeels door Nederland. Al met al tocht wel een pad dat zeer de moeite waard is. Op de foto een zonsopkomst in Montferland.



Noaberpas, Bad NieuweschansFebruari 2013. De start van een nieuw pad. De weersomstandgiheden zijn wisselend. Zon en wolken wisselen elkaar af. Vanuit het station Bad Nieuweschans wandelen we de eerste 5 kilometers in zuidelijke richting langs het water van het B.L. Tijdenskanaal. Bad Nieuweschans staat met name bekend vanwege het daar gevestigde kuuroord. Het was in 1985 het eerste kuuroord dat op Nederlandse bodem werd geopend. Mineraalrijk water wordt opgepompt van een diepte van 630 meter.


Via Oudeschans komen we aan in Bellingwolde waar we de fortificaties bij de Lethe passeren. In 1797 gebouwd door Frans-Bataafse werklieden voor de versterking van de noordoostelijke grens.


Via de Wester Woldse Aa komen we bij het Weddermeer met de fraaie molen Weddermarke.


Wandelen is van alle seizoenen. Telkens is dan ook het landschap weer anders. Tegen de kou kun je je kleden en door een besneeuwd landschap lopen levert heerlijke beelden op.


Bourtange GroningenWe naderen Bourtange. Bourtange is een vestingdorp in de provincie Groningen. Bourtange is een beschermd dorpsgezicht. In 1580, tijdens de Nederlandse Opstand is deze vesting aangelegd. De stad Groningen volgde de noordelijke stadhouder Rennenberg in zijn keuze voor Spanje. De stad werd toen bevoorraad vanuit Duitsland, via een weg op de zandrug (tange) die door het Bourtangermoeras voerde. Om deze bevoorradingsweg te blokkeren gaf Willem van Oranje opdracht op de weg een vesting aan te leggen. In 1594 werd de stad Groningen heroverd, en in 1594 werd de vesting Bourtange onderdeel van de grensverdediging van de drie noordelijke provincies Groningen, Friesland en Drenthe. De vesting werd onder andere in 1665 tijdens de Eerste Münsterse Oorlog verbeterd, en in 1672, tijdens de Tweede Münsterse Oorlog toen Bernhard von Galen Groningen aanviel. In 1742 bereikte de vesting de grootste omvang. Doordat het Bourtangermoeras steeds meer verdroogde en de vuurkracht van geschut groter werd, nam de militaire betekenis van de vesting echter af.


Er volgt een prachtig stuk van het pad langs de Ruiten Aa, door bossen en heide richting Ter Apel. Onderweg vanaf een heuvel kijken we door een leuk kunstwerk naar het “Theater van de Natuur”.


Klazienaveen VeenkerkIn Klazienaveen-Noord staat de Veenkerk, gebouwd door de Groningse industrieel Scholten voor de ter plaatse wonende gemeenschap veenarbeiders. Voor de kerk het standbeeld “De Loegster” ter ere van alle vrouwen die in het veen gewerkt hebben.


Klazienaveen is genoemd naar de vrouw van de plaatselijke industrieel Scholten “Klaassien Sluis”. We steken het Scholtenskanaal over en zien op de kaart al dat we richting een veengebied wandelen “Het Bargerveen”


Er zijn maar weinig hoogveengebieden in Nederland. Bargerveen is een van de belangrijkste en grootste daarvan. Vanwege de grote waarde van flora en fauna is het Bargerveen aangewezen als internationaal Wetland en als stilte gebied. Je voelt dat je op hoogveen loopt, de grond veert onder je voeten. In het gebied een ontmoeting met grote grazers.


De Jaknikkers in Schoonebeek zijn opvallende elementen in het landschap. Omdat de olie nogal stroperig was heeft de winning aan de Nederlandse kant lang stilgelegen. Aan de Duitse kant ging men wel door.


Via het beschermde dorpsgezicht Het Oosterse Bos wandelen we Duitsland in maar niet dan nadat we in het beschermde dorpsgezicht genoten hebben van een kop koffie op één van de bekende plekjes waar je via zelfbediening koffie kunt drinken en daarvoor geld in een potje moet doen. Mooi initiatief altijd.


Alhoewel het boekje over het graafschap Bentheim lovend is, kwam het landschap wat saai over. Lange rechte stukken zonder veel variatie. Het seizoen werkte natuurlijk ook niet mee, wij wandelden dit stuk eind december met wat somber weer dus ons beeld zal vertekend zijn maar het viel op dat de Nederlandse delen veel minder kilometerslange lange rechte stukken hebben. In dit deel van Duitsland volgden we een behoorlijke tijd de rivier de Vecht.


We komen aan bij de stuwwal van Ootmarsum. Het Springendal is een bronnenlandschap. De dikke kleileemlaag van de stuwwal is een natuurlijke waterscheiding. Het regenwater stuit op de ondoordringbare laag en sijpelt dan uit de bodem en vormt zo tientallen kleine bronnen die op hun beurt beekjes vormen. Aan de ene kant van de stuwwal wordt het water afgevoerd naar de Dinkel en aan de andere kant naar de Regge.


Ootmarsum is een mooi oud stadje met vooral veel aandacht voor kunst en cultuur. De galeries rijgen zich hier aan elkaar. Een stukje cultuur is de traditie van de Poaskearls. Acht vrijgezelle mannen zingen op eerste paasdag traditionele paasliederen terwijl ze in lange jassen en gleufhoeden een rondgang om de kerk maken. Vervolgens sluit de bevolking aan, men geeft elkaar de hand en gaat in een lange rij door de oude stad. Telkens met pasen is dit een zeer druk bezocht evenement.


Boerderijen zijn in elke streek weer anders. Een boerderij in Groningen lijkt absoluut niet op een boerderij in Twente. Erg leuk om de verschillen in bouw en architectuur te zien. Deze foto is ergens in het Twentse landschap gemaakt.


In Twente trekken we door een afwisselend landschap, soms glooiend en weilanden en bossen wisselen elkaar af.


Het Haagse Bos nabij Losser staat bekend om de vele paddenstoelen. Op de foto een sponszwam in volle glorie die ik in dit bos aantrof.


Nadat we tussen Glanerbrug en Enschede een doorsteek hebben gemaakt door stedelijk gebied komen we in het Aamsveen. Net als het Bargerveen in Drenthe een stukje hoogveen waar vroeger voor eigen gebruik de boeren veen hebben gestoken. Het is een zeer nat gebied, goede schoenen zijn noodzakelijk. De foto geeft een zonsopkomst te zien op een wat mistige ochtend.


In korte tijd volgen elkaar een aantal mooie gebieden (natuurreservaten) op. Van het Aamsveen naar het Witte Veen, het Buurserzand en vervolgens het Haaksbergerveen (foto).


'title=Het voorjaar breekt aan als we weer op de route zitten. Van Twente gaat het richting de Achterhoek.


Deze boom wist zich te wortelen in een oude schuur en is inmiddels de schuur van z’n plaats aan het verdringen.


Het meer in het Zwillbrocker Venn is broedplaats voor meer dan 100 vogelsoorten. Ook is het het meest noordelijk gelegen broedgebied voor flamingo’s. Ik kon maar 1 flamingo voor de lens krijgen.


Rondom Winterswijk treffen we de grote Scholtenhoeves. Het waren deze herenboeren die hun stempel drukten op de omgeving van Winterswijk. Kenmerkend voor hoeven in deze streek is de rode verf. Vroeger gebruikte met ossenbloed daarvoor en nog steeds wordt die kleur in ere gehouden.


Huis Bergh in ‘s-Heerenbergh is een prachtige burght. Zijn geschiedenis gaat terug tot de 13e eeuw. Belangrijke delen van het gebouw dateren van de 14e tot de 17e eeuw.


Heerlijk om te kamperen en bij het eerste ochtendlicht op stap te gaan. Als je dan een ree kunt fotograferen in de ochtendmist kan de dag al niet meer stuk ook al is’tie nog maar net begonnen. De foto is genomen nabij Stokkum, Montferland.


De Rheinbrücke in Emmerich komt in zicht. Het eindpunt is bijna bereikt. Nog een tiental kilometers dan zit deze route van 415 km erop.


Griethausen is het laatste plaatsje voor het eindpunt in Kleve. We wandelen over de dijk naarf het plaatsje toe. Bij Griethausen een mooie oude niet meer in gebruik zijnde spoorbrug met op de achtergrond een fabriek waar het spoor naar toe ging.


Vanuit Griethausen wandelen we Kleve binnen via de oude spoordijk. Een mooi slotstuk want tot diep in Kleve wandelen we in het groen. Het pad eindigt op het plein met fontein onder de Schwanenburg. 415 km wandelen zit er op. Al met al een fraaie route.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *