Burkina Faso.

December 2016/januari 2017. Kerst en nieuwjaar doorbrengen op de vlaktes in Burkina Faso. Wat begint als een vervangende reis voor een reis eerder dat jaar die ik moest annuleren, wordt dit een bijzondere beleving van een stukje Afrika. Een trektocht door het land van de Senoufou zegt de reisbeschrijving van HT-wandelreizen die de tocht organiseert. De Senoufou is een bevolkingsgroep die verspreid is over drie landen (Mali, Ivoorkust en westelijk Burkina Faso). We lopen door het westelijk deel van Burkina Faso een vlakke trektocht van 10 dagen. Dagelijks wordt tussen de 15 en 20 kilometer afgelegd. Dat lijkt wellicht niet al te veel maar daar moet wel bijgezegd worden dat de gemiddelde dagtemperatuur in december/januari 33 graden is en dat je grote delen vrij onbeschut loopt. Reden om tussen de middag een zeer uitgebreide siësta te houden onder de mangobomen. Op die manier viel het prima vol te houden. Enne… ik heb mijn E-reader volop kunnen benutten. Op de hoofdfoto een foto van een van de vele kleine nederzettingen die we tijdens onze trektocht passeerden. Prachtig die aardekleuren.


De presentatie op deze site bevat een sfeerimpressie met een beperkt aantal foto’s. Wilt u na het lezen meer foto’s zien van deze reis klik dan op de volgende link: foto’s Burkina Faso



De reis begint in de hoofdstad Ouagadougou. Burkina Faso is een arm land en dat zie je ook terug in de stoffige hoofdstad. De grote wegen hebben asfalt maar een groot deel is nog gewoon zandwegen. Dat geldt voor het hele land zo. Vanuit Ouagadougou zullen we in twee dagen afzakken naar het het zuidwestelijk deel van Burkina, het grensgebied met Mali en Ivoorkust. Daar lopen we onze 10 daagse trekking van in het totaal ongeveer 150 kilometer.


Ouagadougou kent ongeveer 1,5 miljoen inwoners. Ons hotel ligt aan een zandweg in het centrum van Ouagadougou. We kijken uit over allerlei kraampjes met handels- en etenswaren. Een typisch Afrikaans beeld. Veel brommers op de weg wat natuurlijk wel voor de nodige luchtvervuiling zorgt in zo’n grote warme stad. Maar voor de ene nacht dat we daar zijn is het prima te doen als je je even terugtrekt in de binnentuin van het hotel en op je hotelkamer. Opvallend veel vrouwen met een last op hun hoofd en een kind op de rug. Een beeld dat we tijdens de trektocht nog veel tegen zullen komen.


Chaotische taferelen zo nu en dan als we onderweg zijn van Ouagadougou en Dobo Dioulasso. Een reis die de hele dag duurt. Een kennismaking met het openbare vervoer in Burkina Faso. Dat begint al op de vroege ochtend als er drie taxis voor komen rijden om ons naar de bus van 10 uur te brengen. Een paar opvallende zaken aan die taxi’s: Alle taxi’s zijn groen en ze zien er niet uit. Tot op het bot versleten. Maar ze rijden en dat is het voornaamste. De bus ziet er beter uit, los van de gebroken voorruit. We voegen ons bij veel locale mensen die ook met de bus gaan. Onderweg worden we regelmatig aangehouden voor controles. Soms moet iedereen de bus uit, in een lange rij met je paspoort en dan 1 voor 1 de bus weer in. De controles zijn vanwege het onrustige buurland Mali wordt me verteld maar voor hetzelfde geld doen ze dat voor alle verkopers van pinda’s bananen etc. Soms zijn we amper in staat om de bus uit te komen. Al met al een bijzondere beleving.


De volgende dag moeten we nog een klein stuk verder reizen naar Banfora waar onze trekking start. We benutten de ochtend echter om Dobo Dioulasso wat beter te bekijken. We bezoeken o.a. de Grande Mosqée, de grootste van Burkina Faso, de bouw is gestart in 1890. Een bijzonder gebouw. Met regelmaat worden de houten delen van de draagconstructie vervangen die last hebben van o.a. weersinvloeden. Daarna bezoeken we de oude wijk van Dobo Dioulasso. Dicht op elkaar gebouwde lemen hutten, een rivierbedding waar vrouwen met de was bezig zijn, plastic, plastic, plastic. Een ontzettend groot probleem in heel Burkina Faso. Al die zwarte zakken die maar weggegooid worden. De straten liggen er mee bezaaid. Beslist een schaduwzijde van dit land. Gelukkig is het op het platteland iets beter gesteld dus tijdens de trekking hadden we daar nauwelijks last van maar de grote steden zijn verschrikkelijk. In de namiddag vertrekken we voor de korte rit naar Banfora. De trekking kan de volgende ochtend beginnen.


We starten de trekking met een ontbijt aan de oever van een groot meer. We zouden daar een boottocht op maken en nijlpaarden spotten die in het meer leven maar doordat er een dodelijk ongeluk gebeurd is kort daarvoor is dit verboden door de overheid. Dan maar alleen genieten van het fraaie uitzicht en ons eerste ontbijt in het veld met brood, gebakken ei en koffie. Terwijl we nog zitten te ontbijten en genieten van alle vogels rondom ons, komt er een dame met de was aan uit het naburige dorp. Het eerste tafereeltje wassen kan vereeuwigd worden.


Wat meteen opvalt tijdens de trek zijn de reusachtige bomen. Vooral de Baobab en de Mangobomen springen er voor mij uit maar ook andere inheemse bomen hebben een reusachtige stamomvang. We trekken door een vochtig gebied met bananenbomen en rijstvelden natgehouden via een mooi bewateringssysteem. Ik zie veel koereigers in het veld. De lange smalle paadjes zijn vaak mul en zeer droog. Ik zal deze vakantie heel veel stof bijten geloof ik. Rood zand!


Aan het einde van de ochtend pauseren we bij de Karfiguela watervallen. De eerste siësta is een feit. Vanuit het niets duikt opeens een warme lunch op. Onze begeleiders inclusief de kok zijn via een andere weg naar dit tussenkamp gegaan en hebben een warme lunch bereid. Dit wordt een vertrouwd ritme tussen de middag net zoals de tomatensaus trouwens die er meestal bij geserveerd wordt. Op de foto zien jullie een hoger gelegen deel van de watervallen.In het meertje op de voorgrond kon men prima zwemmen en dat deden diverse groepsleden met liefde.


Aan het einde van de middag slaan we na nog een korte wandeling onze tenten op tussen de bijzondere rotsformaties van de Dômes de Fabedougou. Hier zullen we vanavond en morgenvroeg kunnen genieten van zonsopkomst en -ondergang. Helaas dus niet. Waar de zon de hele dag onbeperkt energie levert is het telkens aan het einde van de dag dat deze onder gaat in een heiïge rijstebrij dan wel opkomt uit diezelfde brij. Hebben we voor niks boven op zo’n bult gestaan. Toch levert het nog wel een leuke plaat op van ons kamp beneden met een wat gelige lucht.


Een langgerekte ochtendwandeling van zo’n kilometer of 12 langs een kanalenstelsel van waaruit omliggende akkers bevloeid worden brengt ons naar het dorpje Bodadougou. We slaan hier aan het einde van de ochtend op het erf van een familie. Onderweg zagen we rooie bloempjes te drogen liggen. Daarvan wordt thee getrokken en al vrij snel hebben we een grote pan rode thee te pakken.


De middag brengen we in rust door in het dorp. We maken kennis met de “chef du village”de burgemeester zeg maar. Na een gesprek met hem gaan we verder met een rondgang door het dorp. ’s avonds komt een verhalenvertelster ons een plaatselijke sage vertellen. Het hele dierenrijk komt er zo ongeveer in voor.


De trek gaat verder. We wandelen eerst langs een grote bananenplantage die we bezichtigen en daarna door naar een groot stuwmeer waar we onze volgende siësta houden. In het stuwmeer ligt een boot volgeladen te wachten op z’n eigenaar. Even hoop ik dat ze eraan komen als twee mannen die richting oplopen maar die gaan verderop langs het stuwmeer vissen. Jammer dan de boot maar op de foto zonder mensen erop.Het is een lange wandeling van in het totaal 22 kilometer die ons brengt op een schoolplein van weer een klein dorp. We kamperen op het schoolplein.


En steeds weer passeren we kleine dorpjes in hun mooie aarden kleuren. In combinatie met de fraaie gekleurde kleren van de vrouwen en de ondergaande zon is dat een schitterend kleurenspel zoals deze foto met een waslijn vol mooie doeken laat zien.


Ik heb de indruk dat het hier in de binnenlanden een geheel zelfvoorzienende maatschappij is. Op het platteland verbouwd men van alles, ik zag rijst, katoen, bananen, mango’s en noem maar op. Dat gaat naar de grote steden voor zover men het zelf niet gebruikt en via de opbrengst koopt men dan kleren enzovoort. De stenen voor de lemen hutten maken de mannen ook zelf zoals bijgaande foto laat zien.


De meeste avonden kamperen we op een schoolplein gadegeslagen door veel kinderen. Over en weer hebben we veel pret met elkaar zonder elkaar echt te verstaan. Vrolijke mensen kwamen we overal tegen. Burkina Faso staat er geloof ik om bekend. Douchen lukte tijdens de trek maar 1 keer in een soort bivak. Voor de rest moest je het met een emmer water en een mok doen. Met mijn korte haar kon ik daar zelfs mijn haar goed mee wassen.


Een uitstpaje maken we naar een bijzonderen rotsformatie Cavernes, die vroeger bewoond werden. We dwalen met uitleg over de diverse functies van de grotten door onze gids door deze prachtige omgeving.


We passeren een groot stuwmeer nabij het visserdorpje Nyoufila. Natuurlijk kan ik het niet laten om dit fraaie beeld met wassende vrouwen en in de verte palmen die in het water staan vast te leggen.


We bezoeken de pieken van Sindou een bijzonder fraaie rotsformatie. We dwalen door een bijzonder fraai landschap en lunchen in een van de grotten met een fraai uitzicht over de pieken. Daarna door naar het wat grotere dorp Sindou waar we overnachten in hutten.


Bij binnenkomst in het plaatsje Sindou worden we getrakteerd op een voorstelling met een plaatselijke dans met veel trommels en dansers, speciaal voor ons georganiseerd. Vaak wordt die voorstelling niet gedaan geloof ik want ook de plaatselijke bevolking geniet volop mee, de kinderen griezelen zo nu en dan en rennen weg als 1 van de gemaskerde dansers op hen af komt.


De volgende dag is een rustdag. De ochtend benutten we om met onze driewielers voor het bagagevervoer naar een pottenbakkersdorp te rijden, niet ver van de plaats Sindou. Ook daar weer een korte dansvoorstelling. We merken wel dat Sindou en het pottenbakkersdorp duidelijk meer toerisme trekt. Men is hier meer gewend. Sindou is ook een grotere plaats die aan een heuze asfaltweg ligt. In de middag bezoeken we Sindou zelf en krijgen uitleg over de functie van diverse gebouwen in het dorp. In Sindou kunnen we voor het eerst tijdens de trektocht op een terrasje samen met de plaatselijke bevolking een koud biertje of een cola nemen. Een luxe die we niet kenden tot dat moment. Vaak was er wel een klein winkeltje bij een dorpje maar de drank was dan lauw.


Een foto van een straatje van het dorp Sinou met op de achtergrond de pieken van Sinou.


De trektocht gaat verder door een wisselend gebied totdat we uiteindelijk een wat vochtiger gebied betreden waar duidelijk meer landbouw is. Bruggetjes zoals op de foto markeren de overgang.


We kamperen weer op een schoolplein en ik ontrek me een beetje aan de groep om mooie foto’s te kunnen maken bij het late avondlicht zoals bijgaande opname van een dame die hout gesprokkeld heeft.


In het dorpje Fanwon maken we wat nader kennis met de architectuur van de Senoufou en maakte ik deze foto waar de lichtinval de aardekleur wel heel goed doet uitkomen. Deze foto gebruik ik ook als hoofdfoto voor deze presentatie.


De laatste dag van de trekking. In de ochtend een saaie lange wandeling van 15 kilometer grotendeels over een brede doorgaande zandweg naar het dorp Niansogoni . Dit wordt in de middag geheel goedgemaakt door een bezoek aan het oude dorp dat vroeger 400 meter hoger op een berg lag. Het dorp kon zich op de berg goed verdedigen tegen vijanden. Tegenwoordig wordt het oude dorp zorgvuldig in stand gehouden door de plaatselijke bevolking en is het een toeristische trekpleister.


De volgende ochtend om 9 uur zou de bus er zijn maar dat werd uiteindelijk 11 uur. Inmiddels hadden wij afscheid genomen van onze 3 begeleiders (koks en chauffeur) De gidsen bleven tot het einde van de tour in Ouagadougou bij ons. Deze 2 uur vertraging heeft uiteindelijk opgeleverd dat we maar een deel van het programma dat de laatste dagen gepland stond konden doen. Maar uiteindelijk vond ik dat niet zo erg, de trekking was voor mij het belangrijkste en dat ging allemaal erg goed.


Tja en dan als totale dissonant lopen we op de terugvlucht vast in Istanbul in een dik pak sneeuw. In plaats van zaterdag weer thuis te zijn werd dit pas dinsdagnacht en niet dan nadat ik enkele keren opnieuw een ticket had georganiseerd op de luchthaven in Istanbul. Een verschil van + 35 graden naar – 4 graden met een ontzettend koude wind. Brrr. Maar gelukkig overheerst nadien het gevoel van een fraaie trekking in Burkina Faso.





Comments are closed.